Drogredenen

Een drogreden is een redeneerfout die lijkt alsof hij logisch en overtuigend is, maar dat in werkelijkheid niet is. Drogredenen worden vaak gebruikt in discussies om een standpunt te ondersteunen zonder geldige argumenten.

banner-img
Of: anekdotisch bewijs

Een generalisatie of anekdotisch bewijs is een drogreden waarbij iemand op basis van één of enkele gevallen een algemene conclusie trekt, zonder voldoende bewijs.

Voorbeelden

  • 1. Overhaaste generalisatie
    Dit gebeurt wanneer iemand een conclusie trekt op basis van te weinig of niet-representatieve voorbeelden.
    πŸ“Œ "Mijn buurman rijdt altijd door rood en heeft nooit een ongeluk gehad. Dus door rood rijden is helemaal niet gevaarlijk."
    πŸ“Œ "Ik ken een paar jongeren die niet willen werken. De jeugd van tegenwoordig is lui!"
  • 2.Anekdotisch bewijs
    Hierbij gebruikt iemand een persoonlijke ervaring als β€˜bewijs’, ook als die niet representatief is.
    πŸ“Œ "Mijn oma werd 95 jaar oud en ze rookte elke dag. Dus roken is helemaal niet zo ongezond."
    πŸ“Œ "Ik had vorig jaar een griepprik en werd alsnog ziek. Dus die prik werkt helemaal niet."

Beide drogredenen negeren bredere statistieken of wetenschappelijk bewijs en baseren conclusies op beperkte persoonlijke ervaringen. Ze klinken soms overtuigend, maar zijn niet logisch of betrouwbaar.

De drogreden causaliteit-oorzakelijk verband (oorzaak en gevolg) gebeurt wanneer iemand ten onrechte beweert dat een gebeurtenis de oorzaak is van een andere, terwijl er geen bewijs is voor dat verband.

Dit kan op twee manieren:

  • 1. Post hoc ergo propter hoc ("daarna, dus daardoor")
    β†’ Omdat iets na iets anders gebeurt, wordt onterecht aangenomen dat het eerste de oorzaak is van het tweede.
    πŸ“Œ "Ik at gisteravond pizza en vanochtend had ik hoofdpijn. Die pizza moet de oorzaak zijn."
    πŸ“Œ "Sinds we meer windmolens hebben, zijn er meer depressies. Dus windmolens maken mensen depressief."
  • 2. Cum hoc ergo propter hoc ("met dit, dus daardoor")
    β†’ Twee dingen gebeuren tegelijkertijd, dus wordt aangenomen dat ze met elkaar te maken hebben.
    πŸ“Œ "Mensen die vaak sporten drinken ook vaker smoothies. Dus smoothies zorgen ervoor dat mensen meer sporten."
    πŸ“Œ "Op dagen dat veel ijs wordt verkocht, zijn er ook meer verdrinkingen. Dus ijsjes eten leidt tot verdrinkingen."
    (Hier is de echte oorzaak: warm weer zorgt zowel voor meer ijsconsumptie als voor meer zwemmen, en dus meer verdrinkingen.)

Deze drogreden komt vaak voor in discussies en misleidt mensen door een verband te suggereren waar er misschien geen is.

De drogreden "Omgekeerde bewijslast" gebeurt wanneer iemand de bewijslast omdraait en de ander vraagt om te bewijzen dat iets niet waar is. Normaal gesproken moet degene die een bewering doet, deze onderbouwen met bewijs.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Geesten bestaan echt! Bewijs maar eens dat ze niet bestaan."
    β†’ Hier wordt van de ander verwacht om het tegendeel te bewijzen, terwijl de persoon die beweert dat geesten bestaan eigenlijk met bewijs moet komen.
  • πŸ“Œ "Dit medicijn werkt echt, tenzij jij kunt bewijzen dat het niet zo is."
    β†’ Degene die beweert dat het werkt, moet met bewijs komen, niet andersom.
  • πŸ“Œ "Als jij tegen deze wet bent, bewijs dan maar eens dat hij slecht is."
    β†’ Degene die de wet invoert, moet aantonen dat hij goed is, niet de tegenstander dat hij slecht is.

Deze drogreden is misleidend, omdat het de discussie verschuift: in plaats van bewijs te leveren, legt iemand de verantwoordelijkheid bij de ander.

Of: Selectief winkelen.

De drogreden "Cherry picking" (of "cherrypicking") gebeurt wanneer iemand selectief alleen die informatie gebruikt die zijn standpunt ondersteunt, terwijl tegenbewijs wordt genegeerd. Dit leidt tot een vertekend beeld van de werkelijkheid.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Uit onderzoek blijkt dat sommige rokers 90 jaar oud worden, dus roken is helemaal niet schadelijk."
    β†’ Hier worden alleen uitzonderlijke gevallen gekozen en wordt al het bewijs over de schadelijke effecten van roken genegeerd.
  • πŸ“Œ "Dit dieet werkt geweldig! Kijk maar naar deze drie mensen die er veel mee zijn afgevallen."
    β†’ Het kan zijn dat veel anderen geen resultaat hadden, maar die worden niet genoemd.
  • πŸ“Œ "Het gaat economisch geweldig, want bedrijf X en Y maken meer winst dan ooit!"
    β†’ Andere bedrijven die verlies lijden, worden genegeerd om een positief beeld te schetsen.

Deze drogreden wordt vaak gebruikt in politiek, reclame en media om een bepaalde boodschap sterker te laten lijken dan die in werkelijkheid is.

De drogreden "Vals dilemma" (ook wel "valse dichotomie" genoemd) gebeurt wanneer iemand doet alsof er maar twee keuzes zijn, terwijl er eigenlijk meer mogelijkheden zijn. Dit dwingt de ander om tussen twee extreme opties te kiezen en negeert alternatieven.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Je bent Γ³f voor ons, Γ³f tegen ons."
    Dit negeert de mogelijkheid van een neutrale of genuanceerde positie.
  • πŸ“Œ "Als we geen strengere straffen invoeren, dan zal de misdaad alleen maar toenemen."
    Andere oplossingen zoals preventie of sociale programma’s worden genegeerd.
  • πŸ“Œ "Je moet kiezen: Γ³f we blijven fossiele brandstoffen gebruiken, Γ³f we zitten straks allemaal zonder energie."
    Er zijn alternatieven zoals hernieuwbare energiebronnen.

Een vals dilemma dwingt een onnodige keuze af en wordt vaak gebruikt in discussies om een bepaald standpunt sterker te laten lijken dan het is.

De drogreden stropop (ook wel stromanredenering genoemd) houdt in dat iemand een vertekend, overdreven of verdraaid standpunt van de tegenstander weerlegt in plaats van het daadwerkelijke argument. Hierdoor lijkt het alsof de tegenstander iets absurder of zwakker beweert dan hij of zij werkelijk doet.

Voorbeelden

  • Originele stelling: "We moeten maatregelen nemen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen."
    Stropop: "Dus jij wilt dat we allemaal weer in grotten gaan wonen zonder elektriciteit?"
  • Originele stelling: "Het zou goed zijn om kritisch na te denken over het huidige schoolsysteem."
    Stropop: "Dus jij vindt dat kinderen helemaal geen onderwijs meer nodig hebben?"
  • Originele stelling: "We zouden minder vlees moeten eten om het milieu te sparen."
    Stropop: "Jij wilt dus dat iedereen veganist wordt en nooit meer een hamburger mag eten?"

Door een stropop te gebruiken, wordt het originele argument onrechtvaardig afgezwakt of belachelijk gemaakt, waardoor de tegenstander makkelijker "wint" in de discussie.

De drogreden Argument van onwetendheid (ook wel argumentum ad ignorantiam genoemd) betekent dat iets als waar of onwaar wordt beschouwd, simpelweg omdat het niet bewezen is. Met andere woorden: "Er is geen bewijs dat het niet waar is, dus het moet waar zijn" of andersom.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Niemand heeft ooit bewezen dat buitenaardse wezens niet bestaan, dus ze moeten wel bestaan."
  • πŸ“Œ "Er is geen wetenschappelijk bewijs dat dit kruid nΓ­Γ©t werkt tegen kanker, dus het werkt waarschijnlijk wel."
  • πŸ“Œ "Nog niemand heeft kunnen aantonen dat geesten niet bestaan, dus ze zijn echt."
Of: op de persoon spelen

De drogreden Ad hominem (Latijn voor "op de persoon") houdt in dat iemand de persoon zelf aanvalt in plaats van het argument dat hij of zij naar voren brengt. In plaats van inhoudelijke kritiek te geven, wordt de tegenstander persoonlijk aangevallen, vaak met beledigingen of verdachtmakingen.

Voorbeelden:

  • πŸ“Œ "We hoeven niet naar zijn standpunt over klimaatverandering te luisteren, want hij is maar een acteur en geen wetenschapper."
  • πŸ“Œ "Jij zegt dat vaccinaties werken, maar jij bent geen dokter, dus wat weet jij ervan?"
  • πŸ“Œ "Jij bent tegen belastingverhoging? Natuurlijk, jij bent rijk, dus jij denkt alleen aan jezelf."
Of: doemscenario (slippery slope)

Bij deze drogreden wordt beweerd dat een bepaalde actie onvermijdelijk leidt tot een reeks steeds ergere gevolgen, zonder voldoende bewijs voor die onvermijdelijkheid. Vaak wordt het gebruikt om iets af te keuren door te suggereren dat het het begin is van een rampzalige kettingreactie.

Voorbeelden:

  • πŸ“Œ "Als we softdrugs legaliseren, dan gaan mensen vanzelf ook harddrugs gebruiken. Voor je het weet, is iedereen verslaafd!"
  • πŸ“Œ "Als we beginnen met thuiswerken, wil straks niemand meer naar kantoor komen en stort de economie in."
  • πŸ“Œ "Als we dit standbeeld weghalen, moeten we uiteindelijk alle historische figuren uitwissen en hebben we geen geschiedenis meer."

Deze redenering negeert de mogelijkheid dat er grenzen kunnen worden gesteld of dat de tussenliggende stappen niet automatisch volgen.

Of: meelopersargument

Bij deze drogreden wordt iets als waar of juist beschouwd, simpelweg omdat veel mensen het geloven of doen. Populariteit wordt ten onrechte als bewijs voor waarheid gebruikt.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Iedereen gelooft dat dit werkt, dus het moet wel waar zijn."
  • πŸ“Œ "Miljoenen mensen gebruiken dit dieet, dus het is de beste manier om af te vallen."
  • πŸ“Œ "Als zoveel mensen het zeggen, dan moet het wel kloppen!"

Bij deze drogreden wordt een vergelijking gemaakt tussen twee zaken die eigenlijk niet goed vergelijkbaar zijn. De gelijkenis tussen de twee wordt overdreven, terwijl de verschillen genegeerd worden.

Voorbeelden

  • πŸ“Œ "Een bedrijf runnen is als een familie leiden, dus de CEO moet zich gedragen als een vaderfiguur."
  • πŸ“Œ "Als we huisdieren in kooien houden, waarom mogen we dan geen mensen in kleine ruimtes opsluiten?"
  • πŸ“Œ "Deze politicus is als Hitler omdat hij streng beleid voert."

Een cirkelredenering is een drogredenering waarbij de conclusie al verondersteld wordt in de argumentatie. Met andere woorden, de reden die gegeven wordt om een stelling te onderbouwen, is eigenlijk dezelfde als de stelling zelf, alleen in andere woorden. Hierdoor wordt er geen echt nieuw bewijs geleverd.

Voorbeelden
  • πŸ“Œ "Ik heb altijd gelijk, want ik zeg nooit iets verkeerd."
  • πŸ“Œ "God bestaat, want dat staat in de Bijbel en de Bijbel is het woord van God."
  • πŸ“Œ "Dit is de beste voetbalclub, want geen enkele club is beter."
  • πŸ“Œ "Je moet naar school, omdat dat nu eenmaal de regel is."

Cirkelredeneringen klinken vaak logisch, maar voegen geen nieuwe argumenten toe en kunnen daarom misleidend zijn in discussies.

De drogreden "emotioneel argument" (of pathetische drogreden) doet een beroep op gevoelens in plaats van rationele argumenten om een standpunt te verdedigen of een tegenstander te overtuigen. Hierbij wordt geprobeerd medelijden, angst, woede of andere emoties op te roepen om iemand te beΓ―nvloeden, zonder feitelijke onderbouwing.

Voorbeelden

  • In de politiek
    πŸ“Œ "Als we deze maatregel niet nemen, zullen onze kinderen in armoede opgroeien en geen toekomst meer hebben!"
    β†’ Dit speelt in op angst en medelijden zonder feitelijke argumenten over de effectiviteit van de maatregel.
  • In een discussie over dierenrechten:
    πŸ“Œ "Hoe kun je vlees eten? Denk aan die arme kalfjes die hun moeder nooit meer zullen zien!"
    β†’ Dit roept medelijden op in plaats van in te gaan op ethische of milieutechnische argumenten.
  • Bij een rechtszaak:
    πŸ“Œ "Mijn cliΓ«nt heeft misschien een fout gemaakt, maar als u hem veroordeelt, zal zijn moeder met een gebroken hart achterblijven!"
    β†’ Dit probeert de rechter te beΓ―nvloeden via emotie in plaats van via de wet.

Hoewel emoties een rol kunnen spelen in besluitvorming, wordt het een drogreden als ze worden gebruikt om een rationele discussie te vervangen.

De drogreden "Wie zwijgt, stemt toe" (ook wel argumentum ex silentio genoemd) is een redeneerfout waarbij wordt aangenomen dat iemand het ergens mee eens is of iets erkent, puur omdat diegene niet reageert of niets zegt. Dit is onjuist, omdat stilte niet per se instemming betekent. Iemand kan om verschillende redenen zwijgen, zoals onzekerheid, onwetendheid, desinteresse of angst.

Voorbeelden

?
  • In een vergadering:
    πŸ“Œ Voorzitter: "Aangezien niemand bezwaar maakt, gaan we akkoord met het voorstel."
    Probleem: Misschien durven mensen geen bezwaar te maken of hebben ze niet genoeg informatie.
  • In een discussie:
    πŸ“Œ Persoon A: "Katten zijn slimmer dan honden."
    πŸ“Œ Persoon B zegt niets.
    πŸ“Œ Persoon A: "Zie je wel? Je zegt niks, dus je bent het met me eens!"
    Probleem: Misschien vindt Persoon B de discussie zinloos of is hij afgeleid.
  • Juridische context:
    In sommige situaties wordt stilzwijgen geΓ―nterpreteerd als schuld of instemming, maar dat is niet altijd terecht. Bijvoorbeeld: een verdachte die zwijgt tijdens een ondervraging kan allerlei redenen hebben om niets te zeggen, zonder dat dit betekent dat hij schuldig is.

De kern van de drogreden is dat afwezigheid van tegenspraak niet automatisch betekent dat iemand het ermee eens is.

De drogreden "Autoriteitsargument" (of argumentum ad verecundiam) treedt op wanneer iemand een bewering als waar presenteert, enkel en alleen omdat een autoriteit (bijvoorbeeld een expert, beroemdheid of instelling) het zegt, zonder dat er verdere argumentatie of bewijs wordt geleverd. Hoewel experts vaak betrouwbare informatie geven, maakt hun autoriteit een bewering niet automatisch waar. Vooral wanneer een autoriteit spreekt buiten zijn eigen vakgebied, kan dit misleidend zijn.

Voorbeelden

  • Beroemdheden als experts:
    πŸ“Œ "Deze tandpasta moet goed zijn, want een bekende acteur raadt hem aan!"
    Probleem: Een acteur is geen tandheelkundig expert.
  • Misplaatst beroep op wetenschap
    πŸ“Œ "Een Nobelprijswinnaar in de natuurkunde zegt dat homeopathie werkt, dus het moet waar zijn." Probleem: Een natuurkundige is geen expert in geneeskunde.
  • Ongegronde verwijzing naar een instelling
    πŸ“Œ "Volgens een oud geschrift uit de middeleeuwen werkt deze kruidenremedie tegen alle ziektes."
    Probleem: Oude teksten zijn niet automatisch betrouwbaar zonder wetenschappelijk bewijs.
  • Ouders of leraren zonder uitleg
    πŸ“Œ "Je moet dit doen, omdat ik het zeg!" P
    robleem: Dit geeft geen inhoudelijke reden waarom iets gedaan moet worden.

De drogreden vals compromis (ook wel middenwegdrogreden genoemd) is een redeneerfout waarbij wordt aangenomen dat de waarheid of de beste oplossing altijd in het midden van twee uitersten ligt. Dit is niet altijd waar; soms kan één van de uitersten correct zijn, en een compromis kan in sommige gevallen zelfs een slechtere oplossing zijn dan een van de originele standpunten.

Voorbeelden

  • Gezondheidszorg:
    - Persoon A:πŸ“Œ "We moeten roken volledig verbieden omdat het schadelijk is."
    - Persoon B:πŸ“Œ "Nee, iedereen moet vrij zijn om overal te roken."
    - Vals compromis: "Laten we toestaan dat mensen in sommige ziekenhuizen roken, maar niet in allemaal."
  • Wetenschap vs. Pseudowetenschap:
    - Persoon A:πŸ“Œ "De aarde is rond."
    - Persoon B:πŸ“Œ "De aarde is plat."
    - Vals compromis: "Misschien is de aarde half rond en half plat."
  • Vaccinaties:
    - Persoon A:πŸ“Œ "Vaccins redden levens en moeten breed worden ingezet."
    - Persoon B:πŸ“Œ "Vaccins zijn gevaarlijk en zouden verboden moeten worden."
    - Vals compromis: "Laten we dan maar de helft van de mensen vaccineren."
  • Geschillenbeslechting:
    - Persoon A:πŸ“Œ "Deze werknemer heeft recht op zijn volledige salaris."
    - Persoon B:πŸ“Œ "Hij verdient helemaal niets."
    - Vals compromis: "Laten we hem de helft van zijn salaris geven."

Het vals compromis is een denkfout omdat het de indruk wekt dat de waarheid altijd in het midden ligt, terwijl sommige standpunten simpelweg beter of correcter zijn dan andere.

kritisch denken denkfouten dunning-kruger